Een groot deel van de milieubelasting van groente en fruit komt door het energiegebruik voor teelt, opslag en transport. Groente en fruit van het seizoen zijn minder belastend voor het milieu dan geïmporteerd groente en fruit dat met het vliegtuig wordt ingevlogen of groente en fruit dat uit gasgestookte kassen komt. Kasteelt in Nederland kost 5 tot 6 keer meer energie dan teelt van de volle grond. Kasgroenten en fruit gaan eerst het hele land door om uiteindelijk in de winkel terecht te komen. Zo worden aardbeien buiten het seizoen (maar soms ook in het seizoen) ingevlogen van over zee terwijl het in het seizoen gewoon uit Nederland of de regio kan komen. Vreemd vind je niet..?! Regionale producten geven dus minder CO2-uitstoot vanwege de korte transportafstand. Het gebruik van extra energie via teelt, opslag en transport draagt bij aan het broeikaseffect.
Maar welke vorm van telen is dan wel beter voor het milieu? Er zijn namelijk 2 soorten groenteteelt in Nederland: kasteelt en teelt op de open grond (volle grond). Groente van de volle grond is meestal beter voor het milieu dan groente uit een gasgestookte kas. Groente uit de diepvries en uit blik/glas hebben door de verwerking een iets hogere belasting dan verse vollegronds producten, maar nog steeds lager dan import of kas.
Fruit wordt in Nederland vooral in boomgaarden geteeld. De fruitteelt in kassen is beperkt.
In het Nederlandse klimaat worden voornamelijk appels, peren, kersen, bessen en aardbeien geteeld. Tropisch en subtropisch fruit, zoals bananen, sinaasappels en druiven, worden het hele jaar door geïmporteerd. Bijna al het fruit wordt met gekoeld transport naar de plek van bestemming gebracht en opgeslagen. Het koelen van fruit kost 10 tot 20% extra energie. Zo kost het vers gesneden fruit uit de supermarkt extra energie omdat het in de winkel zelf in koelingen bewaard moet worden, terwijl het ongesneden verse fruit gewoon ongekoeld ligt. En wees nu eens eerlijk, zoveel tijd kost het nu ook weer niet om die kiwi te schillen.
Kies dus zoveel mogelijk voor lokaal én seizoensgebonden groente en fruit, het liefst zelfs nog ongesneden!
Milieuvriendelijke groenten en fruit van het seizoen vind je in de groente- en fruitkalender van Milieu Centraal. Op deze link kun je heel overzichtelijk zien hoeveel energie het heeft gekost om een product in een bepaald seizoen in de winkel te krijgen en wat er vrijkomt aan broeikasgassen. Daaruit blijkt bijvoorbeeld dat Hollandse aardbeien in de zomer het minste energie kosten, terwijl ze in de winter juist het slechtst scoren. Dit komt doordat ze in de winter uit de kas komen of met het vliegtuig ingevlogen worden.
Informatie over de teelt en transport vind je meestal niet terug op de verpakking. Alleen het land van herkomst staat standaard vermeld. Maar uit welke regio het komt, dat is vaak nog onbekend. Vraag daarom raad aan de specialist!
’T Streeckhuys is hier een voorbeeld van. Zij verkopen vollegronds verbouwde en seizoensgebonden groente en fruit geteeld door boeren uit de omgeving. Zo komen de asperges rechtstreeks van het land bij van der Putten in Vlierden en de aardbeien van boerderij Van Enckevort in Kronenburg. Sowieso kopen zij veel in bij boeren uit de streek. ’T Streeckhuys kan je dus goed informeren bij de aankoop van groente en fruit. Groente en fruit direct van het land naar de winkel zijn duurzamer.
Hoe we met onze groente en fruit omgaan kan van invloed zijn op onze gezondheid. Zijn bestrijdingsmiddelen gevaarlijk, moeten we daarom altijd onze groente en fruit eerst schillen? Zitten er gif- of schadelijke stoffen in groente en fruit? En nitraat, waar we allemaal weleens van gehoord hebben, wat doet dat nu met onze voedselgezondheid?
Bestrijdingsmiddelen worden ingezet om ongedierte te verjagen om zo groente en fruit te beschermen. Er kunnen dan resten van bestrijdingsmiddelen achterblijven. Dat zijn er zo weinig dat ze niet schadelijk zijn voor de gezondheid. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit controleert hier streng op. Veel bestrijdingsmiddelen trekken dan ook verder dan de schil. Het is daarom niet nodig om je groente en fruit te schillen voor gebruik. Meestal zijn de bestrijdingsmiddelen zelfs al afgebroken als het fruit in de winkels ligt. In de schil zitten vaak de meeste vezels. Vezels zijn belangrijk bij het geven van een verzadigd gevoel en zijn ook gezond voor de darmen. Hierdoor kunnen we vaak beter naar het toilet. Ook kunnen de bestrijdingsmiddelen er vaak niet afgewassen worden. Wel is wassen belangrijk om vuil en stof te verwijderen om zo gezondheidsrisico’s te verminderen. Bij biologisch groente en fruit gebruikt de teler alleen bestrijdingsmiddelen van natuurlijke oorsprong. Maar biologisch heeft niets te maken met dat het gezonder is. Biologisch heeft puur te maken met dat het beter is voor het milieu. Verderop meer informatie hierover.
In sommige groenten zitten van nature hele kleine hoeveelheden natuurlijke gifstoffen. Dit is in zo’n kleine hoeveelheden dat ze niet schadelijk zijn voor de gezondheid. De kans is dus klein dat je te veel van deze natuurlijke gifstoffen binnenkrijgt. In groene tomaten zit bijvoorbeeld de natuurlijke gifstof tomatine. In de groene delen van aardappelen zit de natuurlijke gifstof solanine. Deze groene delen kun je beter niet eten en kun je het beste wegsnijden. De groene plekken op aardappelen kunnen ontstaan als je ze te lang in een lichte ruimte bewaard. Bewaar je piepers daarom altijd zo veel mogelijk op een donkere plek. Dit stofje solanine zit bijvoorbeeld ook in rauwe aubergine. Hierbij geldt dat je deze groente het beste kunt verhitten voor het op je bord ligt. Sommige groente kun je beter niet rauw eten vanwege de natuurlijke gifstoffen. Voorbeelden zijn champignons en sperziebonen. Rauwe champignons bevatten de gifstof agaritine. Het is niet duidelijk in hoeverre deze stof schadelijk is. Het voedingscentrum geeft aan dat enkele plakjes rauwe champignon, in bijvoorbeeld een salade, geen kwaad kunnen. Door champignons te verhitten en/of in de koelkast te bewaren, daalt de hoeveelheid agaritine. Citrusvruchten, zoals sinaasappels en citroenen, zijn gevoelig voor schimmels. Daarom worden ze behandeld met schimmelwerende middelen zoals bifenyl. Daarvan kunnen nog wat resten op de schil achterblijven. Ook worden vaak de gangbare citroenen (niet biologische) na de oogst behandeld met een waslaagje of schellak om de citroenen zo een glans te geven zodat ze er mooier uitzien als ze in de winkel liggen. Dit laagje is niet geschikt voor consumptie. Advies is daarom altijd voordat je gebruik maakt van citroen- of sinaasappelrasp de vrucht eerst goed te wassen.
Nitraat is een stof die van nature voorkomt in groente. Deze kan tijdens het bereiden of bewaren worden omgezet in nitriet. Onderzoek uit 2014 laat zien dat bij het eten van nitraatrijke groente de risico’s voor de gezondheid verwaarloosbaar klein zijn. Voorheen werd weleens gezegd dat spinazie (nitraatrijke groente) niet gegeten mocht worden in combinatie met vis. Met de huidige kennis is dit tegenwoordig gewoon toegestaan en heeft dit dus geen gevolgen voor de gezondheid. Dit geldt ook voor het opwarmen van spinazie. Het is wel belangrijk dat je restjes spinazie na de eerste bereiding snel laat afkoelen en in de koelkast bewaart bij 4 °C. Zo krijgen bacteriën die nitriet produceren minder kans om te groeien. Bewaar restjes niet langer dan 2 dagen in de koelkast. Verder is er geen beperkend advies voor het eten van nitraatrijke groente. Andere nitraatrijke groente zijn: andijvie, rode bieten, snijbiet, bleekselderij, Chinese kool, koolrabi, paksoi, postelein, raapstelen, waterkers, alle soorten sla, spinazie, spitskool en venkel.
Over het algemeen zijn biologische producten en niet-biologische producten even gezond en veilig. Bij de productie van biologisch voedingsmiddelen wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met het milieu en dierenwelzijn. In verschillende regels is vastgelegd wat daaronder wordt verstaan. Er wordt streng controleert of de voorschriften voor het label ‘biologisch’ worden nageleefd.